Ga naar de inhoud

Meer kansen voor jonge architecten in de stad van de architectuur

In Rotterdam was er vaak opschudding over aanbestedingen voor het ontwerpen van gemeenteprojecten. Zo gingen in 2009 tientallen kleinere architectenbureaus in protest tegen de selectiecriteria voor het ontwerp van het nieuwe stadskantoor. Reden voor de gemeente om het Protocol Ontwerperselecties te ontwikkelen. Inmiddels kijken andere gemeenten met belangstelling naar de Rotterdamse aanpak.

Het nieuwe Protocol Ontwerperselecties

Léon Wielaard, vastgoedontwikkelaar bij de gemeente Rotterdam, bevestigt dit beeld: “Rotterdam heeft een reputatie als architectuurstad, maar in het begin van de 21e eeuw ging het meer om wie de hoogste toren kon bouwen. Er leek meer focus op kwantiteit dan kwaliteit in architectuur.” Een soort groot, groter, grootst; niet alleen voor projecten, maar ook voor deelnemende architectenbureaus. Wielaard vervolgt: “De reuring rondom de selectieprocedure voor het ontwerp van het nieuwe stadskantoor in 2009 gaf een duidelijk signaal af dat de bestaande procedures niet optimaal waren. Daarnaast werd in 2010 de nieuwe Architectuurnota vastgesteld. Goed opdrachtgeverschap werd hierin bevestigd als aandachtspunt. Voor ons aanleiding om te starten met het Protocol Ontwerperselecties.”
In het Protocol Ontwerperselecties staat een aantal duidelijke speerpunten genoemd die het makkelijker maken voor kleine en jonge bureaus om mee te doen. Zo gelden de omzeteisen alleen bij grote projecten. Referentieprojecten mogen kleiner zijn of van een ander soort en moeten aantonen dat een ontwerper het project aan zou kunnen in plaats van al gedaan heeft. Wielaard licht toe: “De conceptversie hebben we al getest bij een aantal selectieprocedures. En het protocol is geëvalueerd door AIR, Architectuur Lokaal en een aantal commissieleden dat vaker dit soort selecties beoordeelt. Zo konden we het protocol aanscherpen met ervaringen uit de praktijk”.
Dat klinkt goed, maar hoe pakt dit protocol in de praktijk uit? Wanneer ziet de gemeente het als een succes? Wielaard: “Wat mij betreft is het een succes als niet alleen meer de geijkte bureaus naar boven komen in selecties. Zo hadden we een ontwerpwedstrijd voor een schoolgebouw in Hillegersberg, waar een eenmansbureau bij de laatste vijf zat. Het had ook echt een heel goede inzending. Het is het helaas alleen niet geworden.”

Jong ontwerpcollectief bindt strijd aan met ervaren grootmachten

Mede dankzij het protocol wist een groep jonge ontwerpers tot de laatste ronde te komen in de ontwerpwedstrijd voor een nieuwe Coolsingel. In de herfst van 2013 werden uit 28 inzendingen drie bureaus geselecteerd voor een nieuw ontwerp van de Coolsingel: West 8 (met Grontmij en Speirs + Major), UN Studio (met Lodewijk Baljon), beide groot en gevestigd, en… een internationaal collectief van jonge Nederlandse en Spaanse ontwerpers, aangevoerd door Age Fluitman met zijn bureau Fluitman architecten.
De ontknoping volgde in april. Op basis van het plan, de presentatie en de onderbouwing van het honorarium koos de gemeente voor het team onder leiding van West 8. Het internationale collectief werd het niet. De beoordelingscommissie roemde hun plan, dat uitgaat van het rechttrekken van de Coolsingel en onder meer een nieuw ovaal plein voor het Stadhuis en een groot rood tapijt als oversteek bij de Bijenkorf introduceert, als inspirerend. Het werd echter ook als financieel onhaalbaar beoordeeld en er waren twijfels of er genoeg oog was voor het maatschappelijk en politiek krachtenveld in en rond de Coolsingel. West 8 heeft hier meer ervaring mee en diende een plan in met een betere verhouding tussen kosten en kwaliteit.
Het sympathieke collectief reageerde, bij monde van Fluitman, teleurgesteld: “Ik ben tevreden over de door de gemeente gevolgde selectieprocedure. Er waren geen eisen voor de omzet en een samengesteld team was toegestaan, waardoor mijn internationale collectief zich kon inschrijven. Maar wij hadden zelf als ontwerpers wel de relevante grotere referentieprojecten als ervaring”. Age Fluitman en Jorge Perea werkten eerder bij het Spaanse ontwerpbureau van de beroemde Manuel de Solà-Morales en hebben na zijn overlijden in 2012 onder eigen naam doorgewerkt aan een aantal belangrijke projecten, zoals de nieuwe boulevard van Scheveningen en de Keyserlei en het Operaplein in Antwerpen. Die referenties sluiten duidelijk aan bij de opgave van de Coolsingel en waren vermoedelijk de reden dat het ontwerperscollectief bij de laatste drie gekozen werd om een schetsontwerp te maken.
Al met al een geslaagde procedure, waar kleinere bureaus de kans kregen om mee te doen. Uiteindelijk werd er voor een gevestigde partij gekozen, maar dat was met inhoudelijke redenen onderbouwd. Helaas is tot op heden niet bekend wat het plan van West 8 is.

Jezelf in de kijker spelen bij kleinere projecten

Leon Wielaard is verheugd dat het jonge team zo ver gekomen is. Dat is precies de bedoeling van het nieuwe protocol. Desondanks blijft het makkelijker voor een klein of jong bureau om mee te dingen bij de aanbesteding van kleinere projecten. Wielaard vertelt: “Veel kleinere projecten worden aanbesteed via onderhandse in plaats van openbare aanbestedingen. Het protocol biedt ook aanknopingspunten om breder uit te nodigen dan het bestaande netwerk van een betrokken gemeentelijke projectleider. Maar dit mes snijdt aan twee kanten: architectenbureaus moeten ook zorgen dat ze bij de gemeente in het vizier staan”.
Over hoe je je in de kijker speelt bij zo’n grote gemeentelijke organisatie als Rotterdam, heeft Wielaard nog wel tips: “Het is slim om je bekend te maken bij de afdeling vastgoedontwikkeling en specifiek de mensen die met het protocol bezig zijn. Maar ook Astrid Sanson (directeur Programma Binnenstad en Stedelijke Kwaliteit, red.) vindt het leuk om nieuwe bureaus met goede ideeën te leren kennen. We zijn regelmatig aanwezig op bijeenkomsten in de stad, waar we graag nieuwe ontwerpers leren kennen”.
Het definitieve protocol wordt naar verwachting gepresenteerd in september dit jaar. Inmiddels hebben onder meer de Rijksbouwmeester en andere steden belangstelling getoond voor de aanpak.

Gerelateerde inhoud

Steun onafhankelijke journalistiek

Als abonnee van Vers Beton kun je alle artikelen onbeperkt lezen en delen met je eigen netwerk. Je bent al lid vanaf € 7,50 per maand, de eerste maand lees je gratis.

Misschien vind je dit ook interessant

  • Het statige nieuwe Odeon bewijst dat sociale woningbouw niet armoedig hoeft te zijn

    • Architectuurkritiek

    Met het nieuwe Odeon heeft woningcorporatie Woonstad midden in het Oude Westen een pareltje opgeleverd, recenseert Teun van den Ende. Het gebouw is traditioneel, maar niet oubollig, hoogwaardig, maar niet duur, en eigenzinnig, maar niet misplaatst. Klassieke sociale woningbouw in de 21e eeuw.

  • Twee nieuwe nachtclubs en tentoonstellingen over de toekomst en het verleden van onze architectuur

    • Architectuur en stedelijke ontwikkeling

    In de cultuurrubriek Cultureel Kapitaal gidst Vers Beton je elke maand door het culturele leven van de stad. Deze maand bezochten Teun van den Ende en Abe Minnema vier ongepolijste, maar energieke architectonische hotspots, waaronder twee kakelverse nachtclubs. Hier is hard beton herbergzamer dan je denkt.

  • 30 jaar pleinvrees: hoe het Schouwburgplein met minimale ingrepen toch nog gezellig kan worden

    • Architectuurkritiek

    Dertig jaar na de laatste herinrichting is het Schouwburgplein, erfenis van de wederopbouw, verouderd en onbemind. Nu gaat het eindelijk op de schop, maar zonder een budget van Hofplein-formaat. Public Space Detective Floor van Ditzhuyzen duikt in de geschiedenis van het plein en vraagt zich af hoe het met beperkte aanpassingen toch een fijne plek kan worden om te ‘vertoeven’ – en niet alleen doorheen te lopen op weg naar het theater.

  • Alle artikelen

De Stadsagenda

De leukste vacatures in en om Rotterdam