Advertentie

VB – vacaturebank – banners – Hardwerkende – klik hier! – 1456×180
Voor de harddenkende Rotterdammer
Katja Poelwijk
Beeld door: beeld: Katja Poelwijk

Ergens in het doolhof achter de schermen van het Nieuwe Luxor, is een kleine ruimte volgehangen met kleurrijke foto’s. Waar je ook kijkt, je ziet de meest uiteenlopende vrouwen samen op een podium. Dit is de werkruimte van Women Connected.

Women Connected is een Rotterdams theaterproject voor en door vrouwen dat haar gelijke niet kent. Met een sociaal-maatschappelijke aanpak weet Women Connected vrouwen met uiteenlopende culturele achtergronden te verbinden. Zij maken voorstellingen als de Stille Heldinnen Disco XL met wel duizend vrouwen op het podium, een jaarlijkse krant en een film.

De voorstellingen zijn de uitkomst van een intensief proces. Theater dat voortkomt uit hun eigen verhalen. Over moederschap, huiselijk geweld, seks en oorlog. En daarmee is het nog zo veel meer. Dankzij werk dat de kerngroep van Women Connected, Kaat Zoontjens, Wing Tang en Inez Schatz, achter de schermen doen, vinden vrouwen een veilige omgeving om zich te ontplooien.

In de prijzen

Ze kregen op 7 maart de Doro Siepelprijs ter waarde van tienduizend euro, vernoemd naar de oud-directeur van Theater Zuidplein, bestemd voor een culturele organisatie of persoon die nieuwe groepen weet te bereiken. De jury vond dat Women Connected staat voor precies dat wat Doro Siepel belangrijk vond: ontmoeting, dialoog en vieren wie je bent. Op 24 maart kregen ze ook de ZieZuid Awards voor lokale helden die zich inzetten voor een mooier Zuid. En dat voor een project waar de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) in 2020 niet genoeg in geloofde voor een positief advies voor structurele financiering uit het Cultuurplan voor de komende vier jaar. Hoe is Women Connected zo ver gekomen? 

Artistiek leider Kaat Zoontjens en zakelijk leider Wing Tang wervelen naar binnen na het bezoek van de fotograaf. Producer Inez Schatz, de derde drijvende kracht achter Women Connected, is er vandaag niet bij. Tang, in een stijlvol wit overhemd, geeft een stevige hand en Zoontjens, in een knallende jurk, een knuffel.

“Ik zie er niet elke dag zo uit,” zegt Zoontjens, terwijl ze haar jurk gladstrijkt. “Maar deze jurk is gemaakt door Amina, echt een krachtvrouw uit het Oude Westen, één van de vrouwen van Women Connected die heeft meegespeeld in een voorstelling. Zo ontzettend mooi! Ik dacht, dat lijkt me wel toepasselijk.”

Zoontjens vertelt: “We zijn begonnen onder het Rotterdams Wijktheater, maar we groeiden met onze formule daar al snel over de grenzen heen. Wat wij doen is fundamenteel anders dan doelgroepentheater. Daar speelt een Surinaamse band voor een Surinaams publiek en zingt een Kaapverdische zangeres voor Kaapverdianen. Bij evenementen waar wel verschillende groepen op afkomen, mengen de ‘bubbels’ ook niet. Wij willen juist crossovers tussen die bubbels.”

Geen magic

Tang zegt: “Men vraagt altijd ‘hoe doe je dat dan’? Zij willen het mysterie ontrafelen. Maar het is geen magic. Het is echt tijd nemen voor elkaar. Dat je dan iets weet neer te zetten dat iedereen raakt, is niet raar. Het zou verrassend zijn als je níks gedaan hebt en je ineens verbinding hebt.”

Zoontjens: “Het is een gigantisch log proces. Wij gaan dus fysiek de wijken in, in buurthuizen praten, kijken wie daar de kar trekt. Want ze komen niet uit zichzelf. Wie er op het podium staat moet vervolgens representatief zijn voor het publiek. Dat maakt de chemie heel bijzonder in de zaal! Maar dit zorgt er tegelijk voor dat subsidiegevers ons eigenlijk niet goed begrijpen. Dat geldt voor de RRKC maar ook voor fondsen die onze aanvragen wel toekennen.”

Regelmatig krijgt Women Connected kritiek op hun aanpak. “Soms verwijten fondsen ons dat onze toegangsprijs te laag is: ‘Wat is je verdienmodel?’ vragen ze dan. Maar als we de toegangsprijs omhoog gooien, is het voor deze vrouwen niet bereikbaar. Is het dan alleen voor dat deel van ‘multicultureel Rotterdam’ dat het kan betalen? In Rotterdam leeft zestig procent van de mensen op of onder de armoedegrens! Hoe ‘inclusief’ ga je dan zijn met een toegangsprijs van dertig euro?”

Tang: “Wat we ook wel horen: ‘de begeleiding van die vrouwen kost wel heel erg veel tijd’. Alsof dat iets negatiefs is!”

Zoontjens: “Je kunt ook zeggen: fantastisch, je moet je team uitbreiden, dan kun je nog meer verzetten! Want als je deze begeleiding niet doet, dan kan dit soort theater simpelweg niet bestaan.”

Geen DigiD

Ze vertelt dat met name Inez Schatz daar sterk in is: “Inez is heel goed met mensen. Die weet: de een verdwaalt altijd dus die moet je de weg een paar keer uitleggen, bij de ander moet je geen berichtje sturen maar iets inspreken. In de regie maakt dat ook uit. Omdat je zoveel over mensen weet, kun je ze op een plek neerzetten waar ze kunnen floreren. Zet onze vrouwen trouwens alsjeblieft niet neer als zielig, want dat zijn ze niet. Het zijn sterke, krachtige vrouwen, alleen is voor veel van hen onze cultuur vreemd. Kijk, als je mij in Algerije neerzet, dan voel ik me ook verloren, omdat ik die cultuur moet leren begrijpen.”

Ze zuchten over de extra stapel werk die de pandemie veroorzaakte. Zoontjens: “Je moet bedenken, iedereen moest dus een QR-code hebben, anders mocht je het theater überhaupt niet in, zelfs niet om te repeteren! Maar veel van die vrouwen hadden niet eens een DigiD, wisten niet hoe testen voor toegang werkt. Hoe veel testafspraken Inez wel niet geregeld heeft…”

En natuurlijk gaat het niet alleen over theater. Vrouwen nemen hun leven mee naar binnen. Zoontjens: “Hier durven ze vragen te stellen. Mijn kind wordt gepest, wat moet ik doen? Ik maak me zorgen over dit of dat. Bij de dokter knikken ze netjes dat ze het begrijpen, en vervolgens nemen ze de vragenlijsten of de doosjes medicijnen mee naar ons om te vragen wat er staat. Soms hang je aan de telefoon met de politie of de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). We hebben contacten met instanties als we moeten doorverwijzen. Maar ze vieren ook mooie momenten met ons. Op vakantie geweest met een nieuwe liefde, een zoon die een diploma haalt. Het is echt een familie.”

Die aanpak heeft belangrijke gevolgen buiten het theater. Tang: “Dit vergroot het onderlinge begrip enorm in de wijken. Studenten van het Erasmus hebben ons benaderd om een impactonderzoek over ons project te doen. Daaruit blijkt dit ook.” 

Zoontjens: “We bereiken een steeds grotere groep vrouwen, ook dankzij de vrouwen die al langer betrokken zijn. Witte Rotterdamse vrouwen doen trouwens net zo goed mee. Zij zeggen vaak: ik wil heel graag mengen, maar ik weet niet hoe!”

Katja Poelwijk
Beeld door: beeld: Katja Poelwijk

Young Connected

Alle vrouwen zijn welkom, zegt ze. “Natuurlijk begrijpt niet iedereen elkaar altijd, maar dit is wel een veilige omgeving. We hebben net Young Connected opgericht, daar hebben we prachtige gesprekken over gender. Er zijn allerlei mensen in die groep van trans, non-binair tot ‘meidenmeiden’. Er ontstaat echt begrip onderling, ook tussen generaties, dat we uiteindelijk met dezelfde dingen te maken hebben, bijvoorbeeld als je altijd anders zult zijn.”

Ze wijst op een foto op de muur. “Hier zie je Joen, in een Colombiaanse jurk. Daarachter danst Senna, uit Syrië, met een hoofddoek.” Ze lacht: “Wij kunnen dan artistiek bepalen dat die culturele diversiteit er zo mooi uitspringt.”

Zoontjens heeft de Willem de Kooningacademie gedaan, beeldende kunst, maar was daar al vrij snel bezig met performances. Tang, die de zakelijke kant runt, kende haar van yoga.

Tang: “Ik kom uit de private sector en deed een sabbatical. Zoontjens vroeg me of ik hieraan bij wilde dragen. Ik weet weinig van theater, maar ik dacht gelijk: dit is goud! Mooi is dat het wel iets weg heeft van yoga.”

Zoontjens vult aan: “We moeten heel flexibel zijn, meebewegen met de fondsen, met de buurthuizen. We zijn niet van één organisatie, we zijn echt van de stad. De cultuurwereld is soms een harde wereld. Er is superveel behoefte aan een zachtere vorm van activisme.”

Toch, zonder het structurele Cultuurplangeld waar de RRKC over adviseert, en met een pandemie eroverheen zouden velen gestopt zijn. Hoe hebben zij door kunnen gaan? “Het is nog steeds niet makkelijk, vertelt Zoontjes. Alles wat niet toegekend is, komt uiteindelijk uit onze eigen zak. We betalen onszelf dan niet. Ruimtes om te oefenen zijn ons nu gegéven, omdat mensen willen dat wij blijven bestaan. Er is een ondergrens waaronder het echt niet meer gaat – toch vraag je je af, hoeveel kun je van iemand vragen? Maar wij hebben een gigantische verantwoordelijkheid. Er zijn vrouwen die zeggen: voor jullie sta ik ‘s morgens op, zonder jullie weet ik niet wat er gebeurd zou zijn. Dus ga je door. En vergis je niet, wij dragen hen, maar zij dragen ons ook.”

Killen van innovatie

Tang: “Het advies van de RRKC kan iemand maken of breken. Als zij een negatief advies geven en je daardoor geen Cultuurplangeld krijgt, moet je vier jaar zien te overleven. Dat lukt bijna niemand. Tegelijk vraag je mensen innovatief te zijn, met zulke risico’s. Zo ‘kill’ je juist innovatie, maar je ‘killt’ ook mensen. Die worden ziek en vallen om. Het systeem waarin het Cultuurplan en andere grote regelingen werken, loopt achter op de praktijk en is niet wendbaar. Zo is het proces een momentopname, waar geen tijd in is ingebouwd om aannames te toetsen. De verantwoordelijkheden liggen bovendien in het geheel bij de aanvrager. Dan zou ik willen dat we kijken: waar is de medeverantwoordelijkheid? Als je succes hebt, zijn er vele vaders en moeders, maar voor het zover is, ben je nu een wees.”

Zoontjens: “Wij maakten in 2019 een voorstelling met duizend vrouwen. Iedereen die die voorstelling gezien heeft, heeft ons daarna omarmd. Daarna begrepen ze wat we doen en hoe waardevol dat is. Daar is veel steun uit voortgekomen. Overal zijn mensen die hun nek voor ons uitsteken.”

Tang: “Tegelijk denk ik dat het onzichtbare proces misschien nog belangrijker is. De komende twee jaar willen we daar een film over maken.”

Zijn er nog prijzen die zij per se zouden willen winnen? “Wij kapen altijd alle prijzen weg,” lacht Zoontjens wat verlegen. “Nou, de Zwaan!” Roept Tang – de ‘Oscars’ van de dans. “Ohja! Ik maak vaak de grap: deze keer winnen we de Zwaan…” lacht Zoontjens. “Het is natuurlijk fantastisch, die waardering,” zegt Tang met haar zakelijke blik, “maar we moeten realistisch zijn, van prijzen kun je niet eten. De Doro Siepelprijs is een enorme erkenning, maar voor het prijzengeld moeten we eerst een projectplan schrijven. Wat we nu doen kost ook geld.”

Gedragen door vrouwen

Waar droomt Women Connected van? Zoontjens: “Wij zijn van de stad. Stel dat je ook wordt gedragen door vrouwen in de stad. Dat kapitaalkrachtige vrouwen ook weer deze vrouwen dragen. Dat zou natuurlijk geweldig zijn, als je zo’n ‘orgaan’ kan creëren. En stel dat zij zelf ook op dat toneel willen staan! We zijn tenslotte allemaal verbonden met elkaar. Dat zou te gek zijn!”

Ander

Ander Opmeer

Ander Opmeer is redacteur, journalist en schrijfcoach. Hen is lang hoofdredacteur geweest van een magazine over milieu, heeft in de literaire hoek in Rotterdam rondgehangen en woonde ooit in de Peperklip. Helpt nu mensen met het schrijven van een boek en is redactielid van opinieplatform Vrij Links. Houdt van moderne kunst, moestuinieren en post-apocalyptische science fiction.

Profiel-pagina
Katja Poelwijk

Katja Poelwijk

Fotograaf

Katja Poelwijk (1976) is documentair portret fotograaf uit Rotterdam, afgestudeerd aan de Fotoacademie in Amsterdam in 2017. Haar werk richt zich op onderwerpen die zowel persoonlijk als van sociaal-maatschappelijke aard zijn. Door met verhalen van mensen naast het unieke ook het universele aan te spreken hoopt ze nieuwsgierigheid en bewustzijn te vergroten, met compassie als doel. Naast haar eigen langlopende projecten werkt Katja in opdracht.

Profiel-pagina