Advertentie

VB – vacaturebank – banners – Hardwerkende – klik hier! – 1456×180
Voor de harddenkende Rotterdammer
20221202DSCF8259
Beeld door: beeld: Chiara Catalini

De Huidenclub heeft twee ingangen: een hoofdingang aan de Pelgrimsstraat die op het moment van bezoeken dicht is en een tweede ingang aan het Hudsonplein. Deze ingang zit verscholen achter een hek naast een bouwkeet. De dikke plastic stroken die voor het gat van de deur hangen leiden niet naar de vriezer van een slager, maar naar een koffiebar in een ruim opgezette fabriekshal met een bijzondere draagconstructie. Die lijkt van metaal gemaakt te zijn, maar is eigenlijk van beton. 

AIR-logo-transparant-rood-e1558018720443

Lees meer

Mogelijk gemaakt door

dit artikel is tot stand gekomen dankzij het Architectuur Instituut Rotterdam

“Een Hennebique-constructie van de architect Barend Hooykaas junior uit 1914”, vertelt Chantal Schoenmakers, (interieur)architect en een van de twee initiatiefnemers van de Huidenclub. “Het is een skelet van gewapend beton dat in één geheel in het werk is gestort.” Naast haar zijn medewerkers van Schot Coffee Roasters druk in de weer met verpakkingsmateriaal. Want naast de koffiebar, die enkele maanden geleden opende, krijgt Schot een branderij in de club. Direct naast de ingang leiden trappen naar een houten vide, waar een boekenwinkeltje is gevestigd met de toepasselijke naam Vide Books.

Tentoonstellingen in white cubes

Langs de tafels en stoelen in de koffiebar loop je verder de hal in naar de tentoonstellingsruimtes. Architect Tomas Dirrix (van Atelier Tomas Dirrix) plaatste twee eenvoudige houten wanden met daarbinnen twee houten kubussen met taatsdeuren1: twee klassieke white cubes. Het afgelopen jaar waren er vier tentoonstellingen met werk van gevestigde, internationaal bekende namen als Supertoys Supertoys, Sabine Marcelis, Patricia Kaersenhout en Cally Spooner. Momenteel is een solotentoonstelling van de opkomende Litouwse kunstenaar Paulius Šliaupa te zien. 

De middelgrote, rechthoekige werken – “monochrome paintings”, meldt de tentoonstellingstekst – zijn driedimensionaal en nodigen uit tot aanraken. Zou het keramiek zijn, of toch een lichter materiaal? “Šliaupa arriveerde hier op een vrijdag met een rugzak vol kunstwerken, terwijl hij de donderdagavond ervoor de ArtContest Award had gewonnen, een toevallige samenloop van omstandigheden”, vertelt initiatiefnemer Schoenmakers lachend.

20221202DSCF8159-Edit
Beeld door: beeld: Chiara Catalini

Ateliers en co-working spaces

Achter de witte tentoonstellingsruimtes bevinden zich ateliers/werkruimtes van 90 m2 die kunstenaars voor 700 euro per maand (exclusief btw maar inclusief faciliteiten) kunnen huren. Jonas Lutz, die het meubilair in de koffiebar en de tentoonstellingsruimtes ontwierp, heeft zich er al gevestigd. Een nu nog lege bibliotheek leidt naar twee verdiepingen met co-working spaces – bestaande uit een bureaustoel aan een (gedeelde) tafel – die iedereen voor 200 euro (exclusief btw) per maand kan huren. Schoenmakers: “Het is echt de bedoeling dat hier een mix van professies komt te zitten: van schrijvers tot sociologen en advocaten.” 

In lijn met deze bureauruimtes bevinden zich aan de andere kant van de fabriekshal werkplaatsen voor studenten. “Na de kunstacademie vallen de meesten in een zwart gat. Je kunt geen gebruik meer maken van de werkplaatsen op de academie, maar hebt waarschijnlijk ook nog niet genoeg inkomsten om je eigen ruimte te kunnen huren. Deze werkplaatsen zijn speciaal voor deze groep net-afgestudeerden, maar ook voor een breder publiek.” 

De co-working spaces en werkplaatsen zijn er niet alleen om inkomen te genereren om de investering2 terug te kunnen betalen aan Dudok Real Estate en Dura Vermeer voor de verbouwing van de oude fabriekshal. “Het lijkt me interessant als mensen hier van elkaar kunnen leren. Denk aan de advocaat die aan jonge kunstenaars een talk geeft over intellectueel eigendom”, vertelt Schoenmakers.

Niet los van omgeving

Even terug naar het eerste begin. Het ontstaan van de Huidenclub is niet los te zien van de ontwikkelingen rondom het gebouw waarin het zich bevindt. In 2017 schreven projectontwikkelaars Dudok Real Estate en Dura Vermeer (beide voor 50 procent eigenaar) en de gemeente Rotterdam een aanbesteding uit voor de herontwikkeling van het Diepeveengebouw

Het gebouw is een geheel van twee aaneengeschakelde delen: een expressief, bakstenen gebouw met een kenmerkende, 30 meter hoge toren gebouwd in 1929 en ontworpen door architect Willem Kromhout, en de fabriekshal waar de Huidenclub zich nu ontplooit. Het bakstenen deel, inmiddels een Rijksmonument, diende als magazijn voor ijzerwaren en dienstwoning. In de fabriekshal zat jarenlang een leerlooierij: de Coöperatieve Vereniging Rotterdamsche Huidenclub.

De opdracht werd gegund aan een ontwerpteam bestaande uit diederendirrix architecten, Atelier Tomas Dirrix, Schoenmakers’ bureau IWT en DELVA Landscape Architecture & Urbanism. De ontwikkel- en ontwerpteams willen niet alleen het oude gebouwcomplex restaureren en deels herontwikkelen, maar ook nieuwbouw toevoegen. Op het terrein ernaast verrijzen vijf woongebouwen met in totaal 187 koop- en huurwoningen in het midden- en hogere segment. De prijzen van de (in 2021 allemaal verkochte) koopwoningen varieerden van 320.000 euro voor een studio tot maximaal 725.000 euro voor een grotere ‘stadswoning’. 

De huurwoningen zijn gekocht door het Bouwinvest Residential Fund. De prijzen van de appartementen zijn nog onbekend, maar Bouwinvest communiceert wel al dat het grootste gedeelte in het middenhuursegment zal vallen.

20221202DSCF8108-Edit
Beeld door: beeld: Chiara Catalini

Plek voor kunstenaars

Schoenmakers: “In de aanbesteding werd specifiek aan de inschrijvers gevraagd om een ‘jong, Rotterdams bureau’ aan te haken bij de planontwikkeling rondom de herbestemming van het hele Diepeveencomplex. Tomas Dirrix en ik hebben toen een visie ontwikkeld met studio’s/atelierruimtes, artist in residence-plekken, presentatieruimtes en werkplaatsen voor makers uit Rotterdam. We zien dat kunstenaars en ontwerpers steeds verder de stad uit worden gedreven, deze oude leerlooierij moest een plek voor hen worden.”

Samen met ondernemer Liv Vaisberg heeft Schoenmakers uiteindelijk cultureel invulling gegeven aan die visie. Vaisberg werkte onder meer in Brussel als initiatiefnemer van Poppositions, een beurs voor opkomende kunst. Ook is ze verantwoordelijk voor de internationale relaties en strategie van Art Rotterdam en Unseen.

Dudok en Dura Vermeer waren direct enthousiast over de plannen van Schoenmakers en Vaisberg. Marjolein Smits van Oyen, commercieel asset manager en placemaker3 bij Dudok: “Het is mooi dat de fabriekshal nu een levendige functie heeft. Je kunt er werken, koffiedrinken en kunst bekijken. De Huidenclub trekt een leuk publiek: creatieve mensen die met elkaar een passie delen voor kunst en design. En de plek sluit aan bij de bredere gebiedsontwikkeling die al is ingezet in het innovatieve Rotterdam Makers District.”

20221202DSCF8120
Beeld door: beeld: Chiara Catalini

Kunst(enaars) en gentrificatie

De woorden van Smits van Oyen zijn illustratief voor de conclusie die Lietje Bauwens en Jack Segbars trekken in het Metropolis M-artikel ‘Kunst en (anti-)gentrificatie in Rotterdam – over stedelijke politiek als artistieke praktijk’. In dit artikel onderzoeken zij verschillende Rotterdamse samenwerkingen tussen zowel vastgoedontwikkelaars als activistische bewonersorganisaties met kunstenaars en het culturele veld. Hierbij vragen ze zich af welke van deze samenwerkingen of initiatieven nog kritisch potentieel hebben binnen in het huidige veld van culturele productie. 

Bauwens en Segbars stellen dat bij de Huidenclub de retoriek van kunst als het experimentele, autonome, kritische en innovatieve vrijwel naadloos samenvalt met de creatieve klasse in het algemeen. Kunst, en kunstenaars, lijken te worden geminimaliseerd tot instrumenten die een integraal onderdeel vormen van gebiedsverbeteringen. Kunstenaars zijn vaak al de voorlopers in gentrificatieprocessen, onderbouwen Bauwens en Segbars, en in het geval van de Huidenclub dragen de luxeappartementen boven en naast de kunstenaarswerkplaatsen hieraan zeker bij. Kan de Huidenclub nog aan deze processen ontsnappen? En hoe voorkomt de club, als Diepeveen eenmaal volledig is ontwikkeld, vervangen te worden door een XL-supermarkt met een hippe food court?

Integreren in de buurt

Schoenmakers reageert rustig. “Wij moeten integreren in deze buurt, niet andersom. Het moet hier geen eilandje of enclave worden, zoals Zico Lopes al aangaf in een interview met Giovanni Burke voor Vers Beton. Experiment staat hier centraal, we staan open voor alles. Niet alleen voor beeldende kunst, maar ook film, muziek en performance, zodat de Huidenclub een zo breed mogelijk publiek aanspreekt. Zo heeft muzikant en producer Mathilde Nobel hier vorige maand bijvoorbeeld haar album Founds On Land gelanceerd.” 

“Ook proberen we de buurt bij ons programma te betrekken”, vervolgt ze. “Lutz, die normaal gesproken meubels maakt voor winkels in New York, kan hier bijvoorbeeld workshops geven. En een bewonersbijeenkomst over de herinrichting van het plein heeft hier plaatsgevonden. Wat betreft onze bestaanszekerheid: het oorspronkelijke plan was om de Huidenclub in elk geval drie jaar open te houden, maar onlangs hebben Dudok en Dura Vermeer bevestigd dat we permanent kunnen blijven.”

De komende maanden staat er veel op de planning. Een tentoonstelling over gender en design, een kerstmarkt met design van verschillende makers. Of er ook betaalbaar design te koop zal zijn? “Op onder meer Instagram hebben we een open call gepubliceerd waar al veel leuke reacties op zijn gekomen. Of het betaalbaar zal zijn weet ik nog niet, maar dat is zeker wel het doel”, besluit Schoenmakers.

vb-mailchimp

Lees meer

Schrijf je in voor de maandelijkse architectuurnieuwsbrief!

Op de hoogte blijven van Vers Beton per mail? Schrijf je in voor de maandelijkse architectuurnieuwsbrief

Over het dossier Architectuurkritiek

De verleidelijke plaatjes en ronkende teksten over nieuwbouw vliegen je om de oren. Credo’s als #Makeithappen en ‘Bouwen, bouwen, bouwen’ bevestigen het stoere imago van Architectuurstad Rotterdam. Maar hoe pakken toekomstdromen uit in de praktijk? Vers Beton onderwerpt plannen en ontwerpen van vastgoedjongens en architecten aan een reality check en geeft – indien nodig – ongezouten kritiek.

Dit dossier is mogelijk gemaakt door AIR, het Architectuur Instituut Rotterdam. Deze organisatie heeft geen invloed gehad op de inhoud van het artikel. (Meer info)

Je kunt deze banner wegklikken...

...maar je kunt ook lid worden van Vers Beton voor €7,50 per maand. De eerste maand lees je gratis!

Nee, ik lees eerst het stuk verder

  1. Een taatsdeur is een deur die om zijn verticale as draait, maar waarbij de as niet op een van beide einden van de deur zit, maar bijvoorbeeld op eenvijfde of tweevijfde van de breedte. ↩︎
  2. Dudok Real Estate en Dura Vermeer hebben geïnvesteerd in de verbouwing van de oude fabriekshal naar de productie- en presentatieruimte die de Huidenclub nu is. Dit betrof een eenmalige investering die voor een onbepaalde periode wordt terugbetaald met de huurinkomsten. Voor de inhoudelijke activiteiten ter ondersteuning van (Rotterdamse) kunstenaars en vormgevers worden verschillende gemeentelijke, (beeldende) kunst- en designsubsidies aangevraagd. ↩︎
  3.  De wortels van het idee van placemaking liggen bij de beroemde Amerikaanse urbanist Jane Jacobs in de jaren zestig, die een aanpak propageerde die erop gericht is bewoners, ondernemers, bezoekers en andere belanghebbenden actief te betrekken bij het beter maken van hun plek. ↩︎
LMK

Lindy Kuit

schrijver/eindredacteur

Lindy Kuit (1992) studeerde kunst- en architectuurgeschiedenis. In Amsterdam, dat wel. Schrijft niet alleen voor Vers Beton, maar ook voor Metropolis M, ArchiNed en voor verschillende culturele instellingen in en om Rotterdam.

Profiel-pagina
id image

Chiara Catalini

fotograaf

Chiara Catalini (Italië, 1995) woont en werkt in Rotterdam als fotograaf en ontwerper. Haar opleidingen Product Design en Interieurarchitectuur & Onderzoek hebben bijgedragen aan de definitie van haar fotografische benadering. Die aandacht heeft voor compositie en details, maar ook kritisch geconstrueerd is. Haar werk richt zich voornamelijk op de ruimtes waarin mensen verblijven en de objecten waarmee ze omgaan, waarbij ze de verschillende betekenissen probeert uit te pakken die de maatschappij waartoe ze behoren weerspiegelen. Chiara werkt samen met professionals op verschillende gebieden van design, architectuur en kunst, zowel voor commerciële als artistieke doeleinden.

Profiel-pagina
Nog geen reacties

Om te reageren moet je ingelogd zijn. Inloggen kan je hier. Als je nog geen account hebt meld je nu aan als supporter of maak hier een gratis reageerdersaccount aan.