Achtergrond
De Rotterdamse start-up Upfront opende afgelopen maand haar tweede supermarkt zonder ‘ultrabewerkte voeding’, op de hoek van de Nieuwe Binnenweg en Mathenesserlaan. Het (sport)voedingsmerk groeit razendsnel, maar daarachter zit een harde, high-performance werkcultuur. “In piekperiodes konden werkdagen oplopen tot twaalf uur.”

Bovenaan de website van Upfront prijkt, paginavullend, een jonge, blonde vrouw. Haar ogen zijn gesloten, haar armen gestrekt. Glorieus wappert de Nederlandse vlag boven haar hoofd. Als een overwinnaar, in lijn met de marketingslogan van het bedrijf: ‘Wat echt is, wint’.
Al 3 reacties — discussieer mee!
Heel even dacht ik: wat een verademing, die eerlijkheid van Mark de Boer, het zijn niet mijn ideeën, maar hij doet het wel gewoon.
Maar toen realiseerde ik me dat hij daarmee gewoon een totaal toxische cultuur witwast, alsof de manosphere en angel investors samen een diabolisch kind hebben gekregen. Dat je eerlijk bent over stomme ideeën, maakt het nog geen goede ideeën.
Wat is er toxisch aan hard werken? En wat heeft werkelijk waar de manosphere ermee te maken? Is hard werken soms mannelijk? Weinig feministische opvatting.
Even dat ik het goed begrijp: in dit stuk worden precies twee kritische ex-medewerkers geciteerd? Eentje vond de toiletten en de magnetrons vies en de ander had bijna een burn-out, volksziekte nummer 1. En op basis daarvan de kritische kop: ‘Hoe houdbaar is de werkcultuur?’ Waar ze dus aan de voorkant volledig transparant over zijn én waar behalve deze twee mensen eigenlijk niemand kritiek op heeft? Dus er worden weleens dagen van 12 uur gemaakt? Nou, poe hee! Sorry jongens, maar dit voelt echt als het bashen van een bedrijf met bar weinig munitie. Laat die mensen lekker hard werken als ze dat willen! En als ze dat niet willen, nou, dan niet toch? Ze proberen iets unieks op te zetten, gaan de strijd aan met de misdadigers van de voedingsindustrie, hulde!